Wat zoek je in de Digitale Collectie Zeeland?

Samenvatting inhoud brief
Andries Engelse schrijft op 31 december 1671 uit Suriname aan zijn vrouw Susanneke de Sever aan de Timmerwerf in Vlissingen dat het hem goed gaat en dat een week tevoren Claes Soetelinck is gearriveerd. Met leedwezen heeft hij vernomen van het overlijden van zijn moeder, die in de tweede week na zijn vertrek ziek werd en een week later stierf. Hij heeft besloten om binnen zes maanden zijn fortuin in iets beters te gaan zoeken. Hij hoopt met schipper Adriaen van de Spiegel wat suiker te kunnen sturen aan zijn vrouw.

Andries Engels en Susanneke de Sever
Op 28 juli 1647 is Andries Engels getuige bij de doop van Pieter Pauwels in de nederduits-gereformeerde kerk van Aagtekerke. Het is echt niet duidelijk of dit de briefschrijver of een familielid van een eerdere generatie is.[1] De familienaam De Sever komt voor op het 17de-eeuwse Walcheren, maar de naam van Susanneke werd daarbij niet gevonden.[1]

Timmerwerf ofwel Oude Timmerwerf te Vlissingen
Halverwege de 15e eeuw werd in Vlissingen een nieuwe haven gegraven. Deze Nieuwe Haven werd in het derde kwart van de zeventiende eeuw Engelse haven genoemd (zo ook op een kadastrale plattegrond uit 1830), later Vissershaven en tegenwoordig De Ruyter-jachthaven.
Vlissingen Timmerwerf 1740 HTA 2041
Plattegrond van het huizenblok (rechtsonder) waar Sever en Engels gewoond moeten hebben, tekening van Vlissingen anno 1740, GAV, HTAM 2140.

Aan de zuidzijde van de haven, die voor 1572 maar een landtong was, heeft men al vroeg werven aangelegd. Later toen de stad uitgelegd en aan de zuidzijde bemuurd werd, zijn daar vele woningen gebouwd en is er een lijnbaan aangelegd waar scheepstouw werd vervaardigd. De wijk heeft dan ook altijd de benaming van Oude Timmerwerf behouden.
Op een plattegrond uit 1750 is de naam van de haven Nieuwe Haven en wordt de wijk genoemd ’s Lands Scheepsstimmerwerf. Toen de Franse regering in het jaar 1811 besloten had daar ter plaatse een hospitaal te bouwen, zijn nagenoeg alle huizen onteigend en afgebroken. Dat hospitaal is echter niet gebouwd en in de jaren ’20 kwam er een groot magazijn voor de artillerie tot stand, het Arsenaal.[2]

Literatuur
*Gijs Rommelse, The Second Anglo-Dutch War (1665-1667). Raison d’état, mercantilism and maritime strife (Hilversum, 2006). 
*A. Doedens, Liek Mulder, Nederlands-Engelse oorlogen. Door een zee van bloed in de Gouden Eeuw, 1652-1674 (Zutphen, 2016).

Noten
[1] [1] ZA, Toegang 995 (DTBL – Aagtekerke 1614-1810), site Zeeuwen Gezocht.
[2] H.P. Winkelman, Geschiedkundige plaatsbeschrijving van Vlissingen (Vlissingen, 1873 ) 27 en ‘Nieuwe grondtekening der stad Vlissingen opgenomen in den jare 1750 door F.A. Franz luit[enan]t in ’t 3e bat[aljo]n d’Orange-Nassau ter ophelderinge van den tegenw[oordige] staat der Vereenigde Nederlanden’, in: Hedendaagsche historie of tegenwoordige staat van alle volkeren. XXste deel (Amsterdam: Isaak Tirion, 1753) 97.


Bij deze context horen de volgende brieven: